Agenda

Geen activiteiten gevonden

RELIGIE IS TERUG: Ruimte voor de dakloze ziel

Laatst bijgewerkt: zondag 16 augustus 2026 Gepubliceerd: zaterdag 11 april 2026 Geschreven door Lode Caes

 

 

Religie Komt Terug

Over de honger naar zin, de waagstukken en het waartoe van geloven

BEZINNING EN CULTUUR

Lange tijd hebben we onszelf verteld dat religie op haar laatste benen liep.
De lege kerken golden als bewijs, de wetenschap als overwinnaar,

de moderne mens als finaal bevrijd van God, ritueel en mysterie.
Dat verhaal klonk heel zelfverzekerd, maar het was altijd al te eenvoudig gesteld.
Want de mens leeft niet van kennis alleen: hij denkt, rekent en plant wel,

maar hij hoopt ook, vreest, bemint, rouwt, verlangt en zoekt naar zin.
Vandaag blijkt meer dan ooit dat religie niet verdwenen is. Ze is terug, of beter: ze is nooit weggeweest.
De mens gelooft. Altijd weer. De vraag is dus niet óf wij geloven, maar wát ons geloof met ons doet.

Religie en zingeving

De Dubbelzinnigheid van Religie

Daarmee is meteen ook de tweeslachtigheid van religie benoemd.
Religie kan de mens optillen maar ook verblinden.
Zij kan troosten en verbinden maar ook verharden en verdelen.
Zij kan de ziel onderdak verlenen maar anderen ook buitensluiten.
Alles wat menselijk is, draagt die dubbelzinnigheid in zich. Ook religie.
Daarom mag ze niet blind verheerlijkt maar evenmin goedkoopweg afgeschreven worden.
Onderscheiding is nodig.

Er is immers religie die mensen kleiner maakt: angstig, fanatiek, gewelddadig, zelfgenoegzaam.
We hebben de voorbije jaren gezien hoe geloofstaal kan worden misbruikt
om oorlog, uitsluiting en machtspolitiek te heiligen.
Wie God inroept om bloedvergieten te rechtvaardigen, ontheiligt precies datgene wat hij beweert te dienen.

De profeten wisten dat al. De Heer zegt bij Jesaja:

“Ik heb genoeg van uw offers, leer goed te doen, zoek het recht, help de verdrukte.” (Jesaja 1:11, 17)

Ook Jezus zelf is hierin ondubbelzinnig:

“Zalig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.” (Matteüs 5:9)

Religie die geen vrede zoekt, spreekt haar eigen gebeden tegen.


God is Geen Mascotte

Zo sprak ook paus Leo XIV op Palmzondag.
Hij stelde dat God niet luistert naar gebeden van leiders die oorlog voeren en “bloed aan hun handen” hebben.
Dat is geen politieke slogan, maar een oud bijbels inzicht.
God laat zich niet door generaals, regimes of nationalisme voor de kar spannen.
Hij is niet de mascotte van onze partij, ons volk of ons gelijk.
Zodra religie een wapen wordt, is zij al bezig haar ziel te verliezen.

Maar het misbruik van religie is geen argument tegen religie. Het is een argument vóór zuivering van religie.
Want de mens kan niet zonder een horizon die verder reikt dan nut en bezit.
Hij heeft woorden nodig voor verwondering, schuld, vergeving, trouw en genade.
Hij heeft plaatsen nodig waar niet gepresteerd moet worden.
Hij heeft nood aan stilte waarin hij niet voortdurend wordt geprikkeld, beoordeeld of opgejaagd.
Hij heeft nood aan rituelen die het leven dragen
op kruispunten van geboorte en dood, liefde en afscheid, falen en nieuw begin.


Religie als School van Menswording

Religie is op haar best wanneer zij geen systeem van dwang is, maar een school van menswording.
Zij leert ons dat wij niet het middelpunt van de werkelijkheid zijn.
Zij nodigt uit tot eerbied: voor het geheim van de ander, voor de kwetsbaarheid van het leven,
voor de aarde die ons draagt.
Zij herinnert ons eraan dat niet alles maakbaar is en dat de meest wezenlijke dingen vaak geschonken worden: vertrouwen, liefde, verzoening, innerlijke vrede.

De Schrift zegt:

“De mens leeft niet van brood alleen.” (Deuteronomium 8:3; vgl. Matteüs 4:4)

Dat is geen minachting voor het brood, wel een bevrijding uit de illusie dat brood voldoende zou zijn.
Daarmee raakt religie aan een diepe waarheid over de mens. Wij worden niet enkel bewogen door belangen.
Natuurlijk is economie belangrijk, rechtvaardige verdeling noodzakelijk,
en sociale zekerheid een vorm van beschaving.
Maar zelfs in een welvarende samenleving kan de ziel dakloos worden.
Men kan alles hebben en toch niet weten waarvoor men leeft.
Men kan verbonden zijn met duizend netwerken en toch innerlijk ontheemd blijven.
Religie biedt dan misschien geen kant-en-klaar antwoord op alle vragen,
maar schept wel ruimte waarin de vraag naar zin mag klinken zonder schaamte.


Stilte, Ritueel en Bewoonbaarheid

Dat is wellicht ook waarom stilte, bezinning en ritueel als een rode draad door een mensenleven blijven lopen.
Zij beantwoorden aan iets fundamenteels.
Stilte is geen leegte, maar ruimte. Bezinning is geen luxe, maar noodzaak.
Ritueel is geen folklore, maar een taal van het lichaam voor wat groter is dan woorden.
Een kaars aansteken, brood breken, namen noemen, samen zwijgen.
Het zijn kleine menselijke gestes, maar zij houden de wereld bewoonbaar.

Toch moet religie ook zichzelf steeds opnieuw bevragen. Want waar geloof verhardt, wordt het ideologie.
Waar het zich afsluit voor kritiek, verliest het waarachtigheid.
Waar het geen mededogen voortbrengt, is het geestelijk onvruchtbaar.

De apostel Johannes geeft een eenvoudig en streng criterium:

“Wie zijn broeder niet liefheeft die hij ziet, kan God niet liefhebben die hij niet ziet.” (1 Johannes 4:20)

Daar ligt de toetssteen. Niet in opzichtige zekerheden, maar in de vrucht die een geloof voortbrengt:
meer of minder menselijkheid, meer of minder gerechtigheid, meer of minder vrede.


Niet Minder Geloof, maar Beter Geloof

Misschien moeten wij daarom ophouden te dromen van een samenleving
zonder geloof, en beginnen te werken aan geloof dat heelt.
Aan spiritualiteit die de mens niet opsluit in zichzelf, maar opent voor de ander.
Aan religie die geen vijanden nodig heeft om te overtuigen.
Aan gemeenschappen waar zwakken niet worden vergeten, waar vreemden niet verdacht worden gemaakt,
waar zorg voor de aarde geen modewoord is maar een vorm van dankbaarheid.

De profeet Micha zegt:

“Er is je gezegd, mens, wat goed is, niet anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan met je God.” (Micha 6:8)

Religie komt terug. Niet als triomf, wel als opgave.
Zij vraagt om zachte kracht, innerlijke diepgang en kritische waakzaamheid.
Zij vraagt gelovigen die niet bezeten zijn van macht, maar van barmhartigheid.
Die weten dat enthousiasme de mens kan verheffen, maar ook de duivel in hem kan wakker maken.
Daarom moet geloof niet alleen vurig zijn, maar ook wijs. Niet alleen trouw, maar ook nederig.
Niet alleen overtuigd, maar ook luisterbereid.


Een Dak voor de Ziel, met Open Ramen

Als religie een thuis wil bieden aan thuisloze mensen, dan mag zij geen vesting worden.
En als zij over God spreekt, dan het liefst zo dat mensen moed krijgen om te leven en samen te leven.
Want uiteindelijk is dat misschien haar mooiste roeping: niet de wereld vernauwen,
maar haar wijder maken; niet de mens kleiner maken, maar hem oprichten; niet angst zaaien, maar hoop wekken.

“Opdat zij leven hebben, en wel in overvloed.” (Joh. 10:10)

Met dat woord is alles gezegd.
Religie heeft toekomst, niet wanneer zij zichzelf bewijst als macht, maar wanneer zij opnieuw bron wordt van leven.
Van gerechtigheid, vrede en zorg voor de aarde.
Van een menselijkheid die niet kil is, maar warm. Van een waarheid die niet slaat, maar geneest.
Dat is geen nostalgie. Dat is een opdracht voor nu.

Hits: 719